Traumaprotocol

Proximale ulna fracturen

 

 Beoordeling  

Anatomie

Zie plaatje.

Vormen van fracturen van de proximale ulna

  • Olecranonfractuur
  • Processus Coronoideus fractuur

Mechanisme

Meestal t.g.v. val op de elleboog. Bij jongeren vaak hoogenergetisch. 

Kliniek

  • Coronoideus fractuur: Veel pijn, beperkte functie. Vaak in combinatie met posterior luxatie van de elleboog. 
  • Olecranonfractuur: Onvermogen elleboog actief te strekken tegen zwaartekracht in 

Diagnostiek

X-foto: Elleboog, 2 richtingen (AP en lateraal), eventueel CT-scan    

Indeling

Coronoïdeus fractuur:

  • Type I Fractuur van de tip
  • Type II Fractuur ≤ 50%
  • Type III Fractuur aan de basis van processus coronoïdeus, > 50% of communitief 
  • Terrible triad: in combinatie met radiuskopfractuur en posterior luxatie van de elleboog
  • Cave: avulsie van de m. brachialis

Olecranon fractuur:

  • 21-A Extra-articulair
  • 21-B Intra-articulaire fractuur met gewrichtsoppervlakte betrokkenheid tussen 2 botten
  • 21-C Intra-articulaire fractuur met gewrichtsoppervlakte betrokkenheid tussen alle 3 de botten 
Ulna
Behandeling Coronoïdeus fractuur  

Conservatief

Stabiele Type I en II, middels bovenarmsgips gedurende 2 weken.

Controle na 1 week met X-foto. Start oefeningen na 2 weken. Cave: blijvende extensiebeperking

Operatief

Instabiele Type II en Type III, middels schroeffixatie en sling. Bij twijfel succes fixatie bovenarmsgipsspalk. 

Bij persisterende instabiliteit of communitieve fractuur type III: Dynamische fixateur externe.

Bij terrible triad: In combinatie met ORIF radius kop en fixatie lateraal ulnair collateraal ligament. 

Hierbij eventueel 1 week bovenarmsgipsspalk gevolgd door 4-6 weken dynamische brace. 

           

Traumaprot Elleboog Lux Lat toestemming
Behandeling olecranon fractuur   

Conservatief

  • Vaak bij kinderen. Hierbij is het belangrijk de stand van de radiuskop te evalueren t.o.v. het capitellum; Monteggia variant.  
  • Niet gedisloceerde fracturen, met intacte strekfunctie 
  • Oudere patiënten in slechte algemene conditie

In principe 4-6 weken bovenarmsgips in 45° flexie van de elleboog

Na 1 week controle met X-foto

Na 3-4 weken controle met X-foto, of start functioneel met mitella en oefeningen, of continueren gipsbehandeling

Na 6 weken controle met X-foto en start oefeningen

Na 12 weken controle met X-foto en functietesten; gemiddelde functiebeperking van 30°

Operatief

  • Diastase > 5 mm
  • Intra-articulaire fractuur met discongruentie van het gewricht 

Anatomische repositie nastreven middels osteosynthese met Zuggertung bij dwarse fractuur en indien mogelijk bij communitieve fractuur. Bij complexe of distale fracturen hoekstabiele plaat. 

Bij oefenstabiele osteosynthese 3 dagen een drukverband en nadien onbelast oefenen gedurende 3 tot 6 weken. 

Niet oefenstabiele osteosynthese dient ondersteund te worden met 6 weken bovenarmsgips in 45° flexie met supinatie van de hand. 

Olecranonfractuur met toestemming pt

 

ole2_1_1

 
U bevindt zich hier: Home Bovenste extremiteit proximale ulna fractuur