Traumaprotocol

Pols fractuur

Diagnostiek bijzonderheden: Uitvoering en toelichting:

-Xft.: pols 2 richtingen (alleen op indicatie extra Xft.’s)
bij operatie indicatie: CT pols

radius2

Normale stand op Xft.:
V/A – opname
         - radius 2-4 mm langer dan ulna
         - gewrichtshoek (Böhler):
                     25° naar radiaal
Dwarse – opname:
         - gewrichtshoek (Böhler):
                     10° naar volair

classificatie:

  • Colles fractuur (fractura radii typica)
  • intra articulaire fracturen
  • Barton
  • reversed Barton
  • Chauffeur's fracture (fractuur processus styloidia radii)
  • comminutieve fracturen
  • Smith fracturen

Bijv. Xft. os naviculare of radiocarpale opname

pols4
bajonetstand (dinner fork)

5-10% : combinatie pols- en naviculare fractuur

let ook op lunatumluxatie!

lunate1

radius1
Colles fractuur  
(Abraham Colles, 1773–1843, Irish surgeon)

Let op: Collesfractuur:

  • de dislocatie is naar dorsaal en radiaal
  • de fractuur moet < 2 cm van het polsgewricht zitten, anders is het een onderarmsfractuur
pol3_2_1pol2_1_1pol1jpg_1_1
Behandeling:  

Richtlijn NVVH

Conservatief:
1. Kanteling naar dorsaal 0-10°, zonder 
verkorting: géén repositie

 

Operatieve behandeling: overwegen als:
1. Repositie niet lukt én
2. Patiënt < 65 jaar is
       Verkorting > 2 mm

               en dorsiflexie > 10°

Nabehandeling conservatief

  • 4-5 weken gips
  • Mitella: gedurende maximaal 1 week
  • Oefeninstructie: schouder, elleboog en vingers.
  • Gipsfolder meegeven
  • Bij zwelling: hele verband los
  • Bij pijn: hele verband los en controleren op drukplekken


Operatief:

  • K-draden + gipsspalk 
  • gecannuleerde schroeven 
  • klein fragment AO-plaatje (T)dorsaal
  • of fixateure externe

nabehandeling na operatie: evt. gipsspalk tot wondgenezing, daarna onbelast oefenen gedurende 3 weken

Behandeling kinderen
Bijna altijd een Salter I of II epifysefractuur

Salter  I: dorsale onderarm gipsspalk
Salter II: repositie + dorsale 
             onderarm gipsspalk onder narcose!


Controleschema p.k.

Binnen 1 week gipscontrole 
(5e - 7e dag om evt operatie te kunnen plannen) 

Indien repositie plaatsvond : 
           - Xft. in gips na 5-7 dgn , na 2 en 5 weken

Dorsale gipsspalk (kort)

pols1

pols6Karpandi

Nieuw circulair onderarmgips na 2 weken

Intra articulaire fracturen  

1. Barton fractuur  (John Barton, 1794–1871, American surgeon)

fragment dorsaal meestal instabiele intra-articulaire fractuur

De termen Barton en reversed Barton fractuur worden niet meer gebruikt in verband met de verwarring die ze opleveren. In plaats hiervan worden de fracturen als dorsale rand-(AO-B2) fractuur of volaire rand(AO-B3) fractuur benoemd. Let op onderscheid met zeer distale Smith (A2, A3) fractuur!

Behandeling:

indien fragment gedisloceerd dan operatief met plaatje of K-draden


2. Reversed- Barton fractuur

                 volair fragment

Behandeling:

indien fragment gedisloceerd dan operatief met plaatje of K-draden

pols5 pols10

reversed Barton

pols7
3. Chauffeur's fractuur

fractuur processus styloïdeus radii

Behandeling:

indien fragment gedisloceerd dan operatief met plaatje of K-draden

pols11

fractuur die vroeger nog al eens op trad bij het aanzwengelen van auto's

4. comminutieve intraarticulaire fracturen
 

overleg chirurg of CT scan gemaakt moet worden

Behandeling

operatief indien patient jonger dan 65 jaar en fractuur gedisloceerd
 

  • K-draden
  • plaatosteosynthese
  • fixateur externe
pols12
   
 Smith fractuur  
Robert William Smith, 1807–1873, Irish surgeon

extraarticulaire fractuur met dislocatie van distale fragment naar volair

Behandeling: 

repositie in Bohler anesthesie
volaire gipsspalk in neutale stand
nabehandeling als Colles#


risico op secundaire dislocatie is groot

Röntgencontrole na 5 dagen; gedisloceerd dan operatief met volaire plaat

 

nabehandeling: gipsspalk tot wondgenezing, daarna onbelast oefenen gedurende 3 weken

 

pols14  pols13
   
   
U bevindt zich hier: Home Bovenste extremiteit Pols fractuur