Traumaprotocol

Distale Humerusfractuur

zie remoddeling bij kinderfracturen

zie epifysefracturen

zie database elleboogfoto's

Diagnostiek bijzonderheden: Uitvoering en toelichting

Vaak val op de gestrekte arm
Let op eventueel begeleidend vaat- of zenuwletsel

Symptomen: gezwollen, pijnlijke elleboog

Xft.: 2 richtingen
       - let op: “fat-pad” teken = haemarthros
       - zonodig:    Xft. andere zijde ter vergelijking
                        of oblique opname

fractuur soms niet op foto te zien (epiphysiolyse);
beoordeel kliniek en positie van groeikernen

fractuur niet duidelijk:

vergelijkende opname andere arm
of MRI
of oblique opname

groei3
Röntgenologisch zichtbaar worden van botkernen van de kinderelleboog:
1 = capitulum humeri, binnen het 1e levensjaar
2 = radiuskop, 3 – 5 jaar
3 = mediale epicondyl, 6e jaar
4 = trochlea, 7 – 9 jaar
5 = laterale epicondyl, 11 – 14 jaar
6 = olecranonkernen, 8e jaar

Behandeling:
1. Supra Condylaire fracturen

vnl. extensietype (? < 10 jaar)
Conservatief: 
• weinig dislocatie?    gipsspalk, 3 weken
• instabiel?:             OK óf prox. ulna tractie, 
                             2 weken + gips, 2-3 weken
 
 

Operatief: 
• véél dislocatie of instabiel? (percutane) K-draad fixatie + erna
  3 weken gips; na 3 weken K-draden uit (type 2 en 3)
•  flexie type : zeldzaam, behandeling ± hetzelfde

       Cave: vaatletsel  >>   Volkmann’se contractuur 
                Compartimentsyndroom
                Zenuwletsel

supra6

supra5

supracond2
2. Laterale Condyl fracturen

Conservatief: 
       < 2 mm dislocatie : gips
             Cave: secundaire dislocatie

Operatief: 
        > 2mm dislocatie
        open repositie + K-draadfixatie, 
        erna gips ged. 3 weken,
        na ± 6 weken K-draden uit

N.B. Dit is een beruchte fractuur!!
- groeistoornissen (Salter IV) 
- pseudarthrose
- avasculaire necrose

latcondyl1

latcondyl2
pseudarthrose gevolg van conservatieve behandeling van gedisloceerde fractuur
3. Mediale Condylfracturen

ook Salter IV fractuur/  zeldzaam
      Cave: groeistoornis

Conservatief: 
       niet gedisloceerde fracturen, gips ged. 3 weken

Operatief: 
> 2 mm dislocatie; open repositie + K-draad fixatie
             zelfde als 2 (lat. condylfracturen)
 
 

N.B. Salter IV fractuur (groeistoornissen mogelijk!)

Instrueer ouders dat eventueel groeistoornissen kunnen optreden

medcondyl3
4. Mediale Epicondylfracturen

vaak samen met elleboogsluxatie, soms andere fracturen erbij of zenuwletsel

Dislocatie is vrijwel altijd groter dan het lijkt.
Door tractie van pees m flexor carpi ulnaris kan die ook later nog toenemen.
Lage drempel voor operatieve behandeling.

Conservatief:
weinig dislocatie gips in 90° flexie in de elleboog en pronatie 
onderarm

Operatief:
        veel dislocatie
        open reductie + fixatie ( schroef of K-draad)
        na 6 weken K-draden uit

medcondyl1  medcondyl2

                                     epicondyl ligt in gewricht

24947040 24947041 

24956327

5. Capitulum radii fractuur

capit1

 

capit3

 

Behandeling: open repositie en fixatie met schroeven of resorbeerbare pinnen

Nabehandeling
Gipsspalk:
        -     meestal
- ook na operatieve ingreep

Controleschema p.k.
gipscontrole
± 1 week

lange bovenarm gipsspalk in 90° flexie in de elleboog 
(soms in pronatie)

evt. circulair gips

U bevindt zich hier: Home Letsel bij kinderen Distale Humerusfractuur